‘Als er één, slechts één tandtechnisch labo bereid zou zijn om mij in te wijden in hun sector in Vlaanderen,’ zegt Ola Barakat, ‘dan zou dat mijn professionele toekomst vleugels geven.’ Ruim twee jaar geleden vluchtte Ola met haar man en twee jonge kinderen vanuit Syrisch oorlogsgebied naar België. Ze bracht haar diploma van tandtechnicus mee, en de droom om hier ooit met een eigen tandtechnisch labo van start te kunnen. ‘Maar dan moet ik wel de kans krijgen om een netwerk op te bouwen en de sector te leren kennen’, zegt ze. Een volwaardige betaalde baan hoeft dat om te beginnen zelfs niet te zijn. ‘Een stage bij professionals die open genoeg zijn om mij in te wijden in hoe het hier werkt, zou al een groot cadeau betekenen.’

 

Haar Syrische diploma is al gelijkgesteld. Nederlands leert ze in taallessen en via gesprekken met klanten in de frituur waar ze deeltijds werkt. Een eigen zaak opstarten ziet ze als de beste manier om professioneel op diplomaniveau aan de slag te kunnen. Het getuigschrift bedrijfsbeheer heeft ze op zak en ideeën om een toegevoegde waarde te betekenen in de sector zijn er genoeg. Maar er is meer nodig, zo blijkt. We spreken erover met Ola en Fatma Cosar. Fatma werkt bij Stebo en heeft jarenlange ervaring met het begeleiden van allochtone kandidaat-ondernemers. Fatma is Ola’s coach op haar pad naar ondernemerschap.

 

Succesvoorwaarde: een netwerk hebben

Ola: ‘Ik ervaar de Vlaamse sector van tandtechniek als een nogal gesloten professioneel circuit. Ik weet niet welke deur ik moet openen om er mijn plek in te kunnen verwerven. Zo kom ik in een situatie terecht waarin het gevaar bestaat dat ik het opgeef om te proberen. Want – en daar ben ik niet anders in dan de meeste mensen – ik wil teveel teleurstellingen vermijden. Van keer op keer teleurgesteld te worden krijg je immers allesbehalve energie. Dan ben ik bang dat ik de moed verlies en ga thuiszitten in plaats van iets op te bouwen.’

Fatma Cosar luistert aandachtig. ‘Ja, ik denk echt dat we de mogelijkheden van netwerkontwikkeling en stages sterker moeten benutten. Dat moet toch lukken, denk ik. Veel Vlaamse professionals willen wél open zijn, kennis delen en mensen toelaten in hun netwerk. Alleen moeten we dan situaties creëren waarin er win-win kan gerealiseerd worden.’

Ola: ‘Als er al maar één plek zou zijn waar ze mij met mijn diploma welkom zouden heten om voor een paar maanden mee te draaien, als ze enkele vragen voor mij zouden kunnen beantwoorden, zou me dat helpen om mijn eigen bedrijfsconcept uit te werken. Niet om te concurreren, maar om aan te vullen.’

 

Verschil maken met eigen bedrijfsconcept

Precies over dat aanvullende heeft Ola wel ideeën. Met haar technische kennis en contacten tot in de Verenigde Staten denkt ze dat het interessant kan zijn om producten naar hier te halen die de sector zou verwelkomen. Het zou een goeie stap zijn, vindt ze zelf: eerst via een interessant aanbod aan producten een netwerk opbouwen, en vervolgens – als het kan – een eigen tandtechnisch labo opstarten.

Fatma: ‘Ik geloof daar wel in. Je komt uit een andere context, met kennis die aanvullend kan zijn. Van dat ‘anders’ zijn kan je een meerwaarde maken om een eigen zaak te starten. Maar natuurlijk begint het bij kansen krijgen om te laten zien waar je goed in bent en waar je aanvullend kan werken.’

Ola: ‘Via een aanvullend product met deskundig advies kan ik relaties opbouwen met mensen van hier. In contacten met anderen zal mijn zelfvertrouwen en het vertrouwen in deze maatschappij doen groeien. Daar ben ik zeker van.’

 

Ondersteuning voor vluchtelingen met ondernemers-ambitie

Nu we het er toch over hebben, hoe denkt Ola dat we in Vlaanderen de best mogelijke ondersteuning kunnen bieden aan nieuwkomers die hun professionele toekomst in eigen handen willen nemen?

Ola: ‘Het allerbelangrijkste is dat Vlaanderen mij en mijn gezin een veilige omgeving bieden. Ik ben daar heel dankbaar voor. Maar ik mis een beetje openheid. Het zou echt helpen als de mensen niet naar mij kijken als een vreemdeling, maar als iemand die hier wil werken om een toekomst te maken. Het is toch alleen maar als ik kansen krijg dat ik mijn capaciteiten kan tonen?

Fatma: ‘En hoe belangrijk is begeleiding daarbij voor jou?’

Ola: ‘Heel belangrijk. Ik heb mensen als jou, Fatma, echt nodig. Je wijst me de weg. Als ik vragen heb kan jij me helpen. En de interculturele cursus bedrijfsbeheer bij Syntra was ook erg belangrijk. Het is nodig dat ik de wetgeving en regels rond zelfstandig ondernemen en de sector goed begrijp. Door die opleiding voel ik me nu veel comfortabeler bij het idee van een eigen zaak.’

Fatma: ‘Wat jij vertelt, Ola, doet me weer eens stevig stilstaan bij ons werk. Ja, het is zo dat we in Vlaanderen veel extra talent hebben met de komst van mensen als jij. Van die talenten en dromen moeten we vertrekken, en dan bruggen bouwen, verbindingen gaan leggen met mensen van hier. Zodat je actief kunt zijn als je daaraan toe bent. Daar kunnen jij en wij van groeien.’

 

Door Griet Bouwen, Nieuwmakers, voor Stebo. Wilt u reageren of heeft u zelf een verhaal dat u wil delen? Contacteer dan onze nieuwsredactie via mail of telefoon 0474 88 26 37. Stebo geeft toestemming tot integrale overname van dit artikel, mits vermelding van Stebo en opname van een link naar deze pagina.

Share This