Met ‘Flowleren’, een intern leerproject gericht op het versterken van het innovatievermogen, zette Stebo een grote stap voorwaarts, vinden Aida Pereira en Colette Victor. Zelf werden ze er ook beter van. Deelnemen aan de leercirkel hielp Aida om na een lange afwezigheid haar plek in de organisatie weer te vinden. En Colette, die nog niet zo lang bij Stebo werkt, leerde haar collega’s beter kennen. De stap zetten naar de ander wordt nu veel makkelijker, denkt ze. Hun gezamenlijke wens? ‘Dat er nu snel een ‘go’ komt vanuit de directie, zodat we wat we ontwikkelden ook echt in de praktijk kunnen omzetten.’

Bij de doorstart van ‘Flowleren’ kregen alle medewerkers de kans om zich in één van vijf leercirkels te engageren. In die leercirkels werkten collega’s uit alle afdelingen samen aan een aanpak of instrument om de innovatiekracht van Stebo te boosten. Aida en Colette maakten beiden deel uit van de leercirkel ‘Kruisbestuiving’. Die leergroep bedacht manieren om tot veel meer uitwisseling tussen medewerkers van de organisatie te komen, om zo een voedingsbodem te creëren waarop nieuwe ideeën en projecten kunnen kiemen.

Resultaten in de leercirkel
‘We hebben een draaiboek gemaakt om collega’s samen te brengen in groep, met verschillende methodieken om gesprekken aan de gang te krijgen. We maakten dobbelstenen om er een leuk spelelement in te krijgen en een toolkit om aan groepen mee te geven. En we bedachten een ‘multi-cross-café: een halfjaarlijkse samenkomst van alle medewerkers, beurtelings georganiseerd door één van de afdelingen. De bedoeling is dat we de uitwisseling tussen medewerkers uit alle afdelingen verstevigen’, vertelt Colette.  ‘Tot zover is ons werk nu klaar’, vult Aida aan. ‘We hadden zelfs al een eerste multi-cross-café vooropgesteld om te kunnen testen of het werkt,  maar gebeurtenissen buiten Stebo om hebben ertoe geleid dat het nog niet is kunnen doorgaan.’

Verstevigde relaties
Of het project voor hen ook nog wat anders opleverde dan die tastbare resultaten in de leercirkel? Colette neemt bedachtzaam haar tijd om de vraag te overdenken. ‘Ik ben eerder verlegen van aard,’ zegt ze dan, ‘en met dit project heb ik eigenlijk voor het eerst zo intens met collega’s buiten mijn eigen afdeling samengewerkt. Ik ervaar nu een sterker gevoel van collegialiteit, en dat helpt mij om nu makkelijker naar collega’s te durven toestappen als het nodig is.’ Wat waar is voor Colette, geldt ook voor de hele organisatie, denken beide gesprekspartners. ‘De relaties over de afdelingen heen zijn echt versterkt doorheen dit proces’, zeggen ze. Voor Aida betekende meedraaien in een organisatiebreed project als Flowleren een betekenisvolle hefboom om na een lange afwezigheid weer haar draai te vinden.

Durven doorduwen, je rol spelen
Doorschieten in betrokkenheid, dat is iets waar Aida moet op letten, vindt ze. ‘Het voelt voor mij nog altijd als een eer deel uit te kunnen maken van deze organisatie.  Ook omdat je je hier gerespecteerd voelt in de dingen die je aanbrengt. Dat vind ik heel belangrijk. Maar de schaduwkant – voor mij dan toch – is de verleiding om teveel betrokken te zijn. Ook in de leercirkel werd me dat weer eens duidelijk. Ik ben me op een bepaald moment beginnen aantrekken dat we echt naar iets concreets moesten toewerken. Misschien heb ik daar het laken weer wat teveel naar me toegetrokken?’ ‘Neen, zo ging het niet,’ komt Colette tussen, ‘We waren wel klaar om te beslissen. Alleen zijn we soms wat te lief voor mekaar, en dan was jij daar met je ideeën. Toen hadden we iets om heel concreet mee te kunnen doorgaan.’

Wat Stebo hiermee wint
De thema’s die in de leercirkels zijn uitgespit, zijn voor Aida geen verrassing gebleken, ook niet na een tijdlang wat minder dicht bij de organisatie gestaan te hebben. Ja, het waren grotendeels evergreeners. Ja, gedeelde wensen als leren van elkaar, informatiedoorstroming, kruisbestuiving, creativiteit en heldere organisatiewaarden komen keer op keer boven water als medewerkers gevraagd wordt naar wat ze belangrijk vinden. ‘In de leercirkels hebben we daar nu eindelijk ruim de tijd voor kunnen nemen om daar een stap vooruit in te zetten. Het is goed dat die dingen erkend zijn, want je kunt er als organisatie toch niet omheen. Ik hoop echt dat de concrete voorstellen nu worden opgepakt’, zegt Aida.

En nu?
Colette en Aida hopen dat heel binnenkort de voorstellen uit alle groepen kunnen landen in acties. En dat de aandacht voor voortdurende innovatie niet verslapt, hoe moeilijk het voor de organisatie soms is om te gaan met de snel evoluerende context buiten de organisatie. De uitdagingen voor het directieteam zijn heel hoog, weten ze allebei. ‘En toch zal het nodig zijn om samen volwassen in dat spanningsveld te blijven staan, met daarin aan de ene kant de druk van buitenaf en aan de andere kant de noodzaak tot voortdurend vernieuwen. Misschien helpt die externe druk op onze projecten en resultaten ons om ook op vlak van innovatie door te pakken’, zeggen ze.

Appèl doen op medewerkers
Stebo heeft met het project Flowleren aan medewerkers gevraagd na te denken over ideeën en verantwoordelijkheid te nemen. Die weg kan de organisatie nu tot op het einde gaan, denken Aida en Colette. Door – misschien nog meer dan vandaag – projecten samen met de veldwerkers vorm te geven, door al heel snel bij nieuwe projectoproepen de kennis en ervaring van het veld in het projectontwerp te betrekken. En tegelijk – zo vinden ze – kunnen medewerkers zelf ook nog wel wat dapperder zijn en ideeën of zorgen die hen wakker houden omzetten in projectvoorstellen. ‘De beste stimulans om dat te gaan doen is van je leidinggevende te horen: ‘doe maar, onderzoek maar, zet een stap’. Dat, en een beetje tijd om over je ideeën na te kunnen denken natuurlijk.

 

Door Griet Bouwen, Axiomnieuws, voor Stebo. Wilt u reageren of heeft u zelf een verhaal dat u wil delen? Contacteer dan onze nieuwsredactie via mail of telefoon 0474 88 26 37. Stebo geeft toestemming tot integrale overname van dit artikel, mits vermelding van Stebo en opname van een link naar deze pagina.

Share This